Wat geldt, wanneer, en voor wie

EU AI Act: wat er geldt, wanneer het ingaat en wat je nu moet doen

De EU AI Act werkt met risicoklassen en is in fases ingevoerd. Een deel geldt al sinds 2025, de zwaarste verplichtingen zijn verschoven naar 2027 en 2028. Hieronder de tijdlijn, de vier categorieen, de sancties, en wat er los van elke deadline nu al zinnig is om te doen.

Plan een kennismaking

In het kort

Wat de EU AI Act is

De EU AI Act, formeel Verordening (EU) 2024/1689, is de eerste brede wet ter wereld die regels stelt aan het ontwikkelen en gebruiken van kunstmatige intelligentie. De wet werkt met risicoklassen: hoe groter het risico van een toepassing voor mensen, hoe zwaarder de eisen. Hij geldt rechtstreeks in alle EU-lidstaten en raakt niet alleen bouwers van AI, maar ook organisaties die AI inzetten. Eind juli 2026 is de verordening op een aantal punten gewijzigd door de Digital Omnibus, Verordening (EU) 2026/1744. Voor de meeste Nederlandse organisaties valt hun gebruik in de lichtste categorieen, waar vooral transparantie en AI-geletterdheid gelden.

Deze pagina beschrijft de hoofdlijn en de data, en is bijgewerkt op 19 augustus 2026 met de wijzigingen uit de Digital Omnibus. Hij vervangt geen juridisch advies, en de tijdlijn is de afgelopen jaren meermaals aangepast.

Wat er nu feitelijk verandert

Wat al wél geldt

Sinds februari 2025 gelden de verboden praktijken en de AI-geletterdheidseisen uit artikel 4. Sinds 2 augustus 2026 geldt de transparantieplicht uit artikel 50: mensen moeten weten wanneer ze met AI te maken hebben. Dat deel is niet uitgesteld.

Wat is uitgesteld

De strengste verplichtingen, voor zogeheten hoog-risico-systemen, zijn eind juli 2026 verschoven met de Digital Omnibus (Verordening (EU) 2026/1744): naar 2 december 2027 voor losstaande systemen, naar 2 augustus 2028 voor systemen die in andere producten zijn ingebouwd. Hoog-risico-systemen die al vóór augustus 2026 in gebruik waren, houden hun oorspronkelijke termijn tot eind 2030.

Waarom uitstel geen vrijstelling is

Een latere wettelijke deadline verandert niets aan het risico van onduidelijke AI-inzet. Dat probleem speelt nu al, met of zonder wet.

Waarom de datum er steeds minder toe doet

Dit is al de zoveelste verschuiving. Een beleid dat om een deadline heen is gebouwd, moet dan telkens opnieuw. Een beleid op principes hoeft dat niet.

De tijdlijn

Wat wanneer is gaan gelden

De wet is in fases ingevoerd. Dit zijn de momenten die er voor gebruikende organisaties toe doen.

02.2025

Verboden praktijken en AI-geletterdheid

Sinds februari 2025 zijn een aantal toepassingen helemaal verboden, waaronder social scoring en bepaalde vormen van emotieherkenning op de werkvloer. Vanaf datzelfde moment geldt artikel 4: organisaties moeten zorgen dat medewerkers die met AI werken voldoende begrijpen wat ze gebruiken. De Digital Omnibus heeft die formulering eind juli 2026 verzacht tot een inspanningsverplichting: je neemt maatregelen die de AI-geletterdheid ondersteunen, maar je hoeft geen specifiek kennisniveau per persoon te garanderen.

08.2025

Regels voor algemene AI-modellen

Vanaf augustus 2025 gelden verplichtingen voor aanbieders van algemene AI-modellen, de modellen achter tools als ChatGPT en Claude. Ook is toen het toezichtsbouwwerk in werking getreden: lidstaten wijzen hun toezichthouders aan en het sanctiekader wordt van toepassing.

08.2026

De transparantieplicht gaat in

Sinds 2 augustus 2026 geldt de transparantieplicht uit artikel 50: mensen moeten weten wanneer ze met een AI-systeem praten, en kunstmatig gegenereerde beelden, video, audio en tekst moeten machinaal herkenbaar gemarkeerd zijn. Dit is het deel dat voor de meeste organisaties het meest concreet is. Wie al vóór augustus 2026 systemen aanbood die synthetische content maken, heeft tot 2 december 2026 om aan die markeringsplicht te voldoen.

12.2026

Twee nieuwe verboden, en de markeringstermijn

Per 2 december 2026 komen er twee verboden praktijken bij: AI die zonder uitdrukkelijke toestemming realistisch intiem beeldmateriaal van herkenbare personen maakt, en AI die materiaal van kindermisbruik genereert. Dat verbod geldt voor aanbieders en gebruikers. Op dezelfde datum verloopt de overgangstermijn voor het markeren van synthetische content door systemen die al vóór augustus 2026 bestonden.

2027-2028

Hoog-risico-verplichtingen

De zwaarste eisen, voor hoog-risico-systemen, zijn met de Digital Omnibus (Verordening (EU) 2026/1744) verschoven naar 2 december 2027 voor losstaande systemen en 2 augustus 2028 voor systemen die in andere producten zijn ingebouwd. Systemen die al vóór augustus 2026 in gebruik waren, houden hun oorspronkelijke termijn tot eind 2030.

De risicoklassen

Vier categorieen, oplopend in zwaarte

Onaanvaardbaar

Verboden

Toepassingen die als een te groot risico voor grondrechten worden gezien, zoals social scoring en bepaalde vormen van biometrische categorisering. Het verbod op social scoring richt zich vooral op overheden, maar private partijen zijn niet vrijgesteld: ook zij mogen geen scoringssystemen inzetten die leiden tot ongerechtvaardigde benadeling in een context die losstaat van de oorspronkelijke gegevens. Deze verboden gelden sinds februari 2025. Per 2 december 2026 komen er twee bij: AI die zonder toestemming realistisch intiem beeldmateriaal van herkenbare personen maakt, en AI die materiaal van kindermisbruik genereert.

Hoog risico

Zware eisen aan documentatie en toezicht

AI in bijvoorbeeld werving en selectie, kredietbeoordeling, onderwijs of kritieke infrastructuur. Hier gelden eisen aan risicobeheer, datakwaliteit, menselijk toezicht en logging. Dit is de categorie waarvan de deadline naar 2027 en 2028 is verschoven.

Beperkt risico

Transparantie verplicht

Chatbots, AI-gegenereerde beelden en teksten. De eis is dat duidelijk is dat er AI in het spel is, en dat gegenereerde content machinaal herkenbaar gemarkeerd wordt. Hier valt het meeste dagelijkse zakelijke gebruik onder, en het geldt sinds 2 augustus 2026. Voor systemen die al vóór die datum synthetische content maakten, loopt de termijn voor de markering tot 2 december 2026.

Minimaal risico

Geen aanvullende eisen

Spamfilters, aanbevelingen in een webshop, AI in een planningstool. Verreweg het grootste deel van de toepassingen valt hier, en daarvoor stelt de wet geen extra eisen bovenop wat er al gold.

Wanneer dit nog niet je eerste prioriteit is

  • Zet je AI nog nauwelijks in, of ligt de verantwoordelijkheid al belegd bij een juridische afdeling die het traject al trekt? Dan is dit niet het eerste wat we zouden oppakken.

We vragen organisaties niets wat we zelf niet doen.

Ons eigen AI-beleid staat publiek op deze site

Benieuwd hoe zo'n beleid er in de praktijk uitziet? Lees ons AI-beleid

Veelgestelde vragen

01 Betekent het uitstel dat we kunnen wachten? +

Nee. Het deel dat al geldt — transparantie, AI-geletterdheid — is niet uitgesteld, en de deadline voor de rest is al eerder verschoven. Bouw het beleid nu, los van de datum.

02 Is AI-beleid verplicht? +

De EU AI Act stelt eisen aan hoe organisaties AI inzetten, afhankelijk van de toepassing. Een helder beleid is de basis om daaraan te kunnen voldoen, en vooral: het geeft je mensen duidelijkheid over wat kan en mag.

03 Wat is het verschil met een AI-strategie? +

Strategie bepaalt waar je op inzet en in welke volgorde; beleid bepaalt binnen welke kaders dat veilig gebeurt. Ze versterken elkaar en worden vaak samen opgepakt.

04 Geldt de AI Act ook als we alleen Amerikaanse tools gebruiken? +

Ja. De wet kijkt niet naar waar de leverancier zit, maar naar waar het systeem wordt gebruikt en wie de uitkomst raakt. Zet je een Amerikaanse tool in voor mensen in de EU, dan gelden de verplichtingen voor jou als gebruikende organisatie. De leverancier heeft daarnaast zijn eigen verplichtingen, maar die nemen die van jou niet weg.

05 Wat is het verschil tussen aanbieder en gebruiksverantwoordelijke? +

De aanbieder ontwikkelt een AI-systeem of brengt het onder eigen naam op de markt. De gebruiksverantwoordelijke zet het in binnen de eigen organisatie. De meeste Nederlandse organisaties zijn dat tweede, met lichtere verplichtingen. Let op: bouw je zelf iets bovenop een bestaand model en breng je dat onder je eigen naam naar buiten, dan kun je als aanbieder worden aangemerkt.

06 Hoe weten we of ons systeem hoog risico is? +

De wet werkt met een lijst toepassingsgebieden, niet met een oordeel per geval. Denk aan werving en selectie, toegang tot onderwijs, kredietbeoordeling, en AI als veiligheidscomponent in producten. Zit jullie toepassing daar niet in, dan is hoog risico waarschijnlijk niet aan de orde. Twijfel je, dan is dat precies het moment om er juridisch naar te laten kijken.

07 Moeten we AI-gegenereerde content labelen? +

Voor content die als echt kan worden opgevat, zoals gegenereerde beelden en video, geldt een transparantieverplichting. Ook moet duidelijk zijn wanneer iemand met een chatbot praat in plaats van met een mens. Voor een tekst die een medewerker met AI heeft opgesteld en daarna zelf heeft geredigeerd, ligt dat genuanceerder. Een interne afspraak hierover voorkomt de meeste discussies.

08 Valt software die we al jaren gebruiken er ook onder? +

Dat hangt af van wat erin zit. Veel bestaande pakketten hebben er de afgelopen jaren AI-functies bij gekregen zonder dat dat groot is aangekondigd. Het is de moeite waard om bij de inventarisatie niet alleen naar nieuwe tools te kijken, maar ook naar wat er in bestaande systemen is bijgekomen.

09 Wat zijn de boetes bij overtreding? +

De wet kent een gelaagd sanctiestelsel (artikel 99). Voor verboden praktijken lopen de boetes op tot 35 miljoen euro of 7 procent van de wereldwijde jaaromzet, voor de meeste andere overtredingen tot 15 miljoen of 3 procent, en voor het verstrekken van onjuiste informatie tot 7,5 miljoen of 1 procent. Eén detail dat er voor het mkb toe doet: bij grote ondernemingen geldt het hoogste van die twee bedragen, maar voor kleine en middelgrote bedrijven en start-ups juist het laagste. Voor de meeste organisaties is dit sowieso niet het meest urgente punt, omdat hun gebruik in de lichtste categorieen valt.

10 Wie houdt hier in Nederland toezicht op? +

Het kabinet kiest voor een model waarin bestaande toezichthouders elk binnen hun eigen domein toezicht houden, met een coordinerende rol voor de Autoriteit Persoonsgegevens en de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur. De AP krijgt daarnaast een eigen AI-directie voor gebieden waar nog geen duidelijke toezichthouder is. Let wel: dit ligt vast in de Uitvoeringswet AI-verordening, en dat is nog een wetsvoorstel. De internetconsultatie liep tot juni 2026; de wet is op het moment van schrijven nog niet in werking.

11 Wat kunnen we het beste nu al doen? +

Drie dingen, en geen daarvan hangt af van een deadline. Breng in kaart welke AI er in de organisatie gebruikt wordt, inclusief wat mensen zelf zijn gaan gebruiken. Leg vast welke tools mogen en welke gegevens erin mogen. En zorg dat mensen die met AI werken weten wat ze gebruiken, want dat is sinds februari 2025 al een verplichting.

Meer over AI-geletterdheid en artikel 4

Beleid dat jullie mensen echt gaan gebruiken?

We kijken samen wat er al ligt en wat er nodig is.

Bekijk hoe we een AI-beleid opstellen